Belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven in een woning: extra uitvoeringsmaatregelen in KB/WIB 1992


Powered by Jura


Een belastingplichtige die in zijn woning bepaalde energiebesparende werken laat uitvoeren, kan genieten van een belastingvermindering. De ‘economische herstelwet van 27 maart 2009’ en de ‘programmawet van 23 december 2009’ brachten echter enkele wijzigingen aan in het stelsel van de belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven. Zo werd bv. het mechanisme van de overdracht ingevoerd voor verminderingen bij uitgaven voor werken aan een woning die vijf jaar of langer in gebruik is genomen bij het begin van de werken (art. 14524, § 1, vijfde lid, WIB 1992), komen bepaalde verminderingen in aanmerking voor de omzetting in een belastingkrediet (art. 156bis, eerste lid, 2° en 3°, WIB 1992), en wordt vanaf aanslagjaar 2012 het maximumbedrag van de vermindering niet langer verhoogd voor verminderingen bij uitgaven voor thermische zonnepanelen. Om die nieuwe regels correct te kunnen toepassen, moeten zowel de belastingplichtige als de fiscus over extra gegevens beschikken. Het KB van 10 september 2010 voegt die toe aan artikel 6311 van het KB/WIB 1992.

Energiebesparende uitgaven

Het gaat om volgende energiebesparende uitgaven (art. 14524, WIB 1992):
1° uitgaven voor de vervanging van oude stookketels of voor het onderhoud van een stookketel;
2° uitgaven voor de installatie van een systeem van waterverwarming door middel van zonne-energie;
3° uitgaven voor de plaatsing van zonnecelpanelen voor het omzetten van zonne-energie in elektrische energie;
3°bis uitgaven voor de plaatsing van alle andere uitrustingen voor geothermische energieopwekking;
4° uitgaven voor de plaatsing van dubbele beglazing;
5° uitgaven voor de isolatie van daken, de muren en de vloeren;
6° uitgaven voor de plaatsing van een warmteregeling van een installatie van centrale verwarming door middel van thermostatische kranen of door een kamerthermostaat met tijdschakeling;
7° uitgaven voor een energie-audit van de woning.

Belastingvermindering

De belastingvermindering voor energiebesparende investeringen bedraagt 40% van de gedane uitgaven. Maar het totaal van de verschillende belastingverminderingen mag per belastbaar tijdperk en per woning niet meer bedragen dan 2.770 euro (geïndexeerd bedrag aj. 2011). Dit bedrag wordt met 830 euro (geïndexeerd bedrag aj. 2011) verhoogd als het gaat om uitgaven voor de installatie van een systeem van waterverwarming via zonne-energie of om uitgaven voor de plaatsing van zonnecelpanelen voor het omzetten van zonne-energie in elektrische energie.

De belastingvermindering geldt niet voor uitgaven die in aanmerking zijn genomen als werkelijke beroepskosten en op uitgaven die recht geven op de investeringsaftrek (art. 69, WIB 1992).

Sinds 1 januari 2010 komt in een nieuwe woning (officieel: ‘woningen waarvan de ingebruikname minder dan 5 jaar voorafgaat aan de aanvang van de installatiewerken van de officiële voorziening’) enkel nog de installatie van een systeem van waterverwarming door zonne-energie, van zonnecelpanelen, of van uitrustingen voor geometrische energieopwekking in aanmerking voor de belastingvermindering. Vanaf aanslagjaar 2012 wordt het totaal bedrag van de verschillende belastingverminderingen bij nieuwe woningen enkel nog verhoogd voor zonnecelpanelen (omzetten van zonne-energie in elektrische energie), en niet meer voor de installatie van een systeem van waterverwarming door zonne-energie.

Voorwaarden voor belastingvermindering

De energiebesparende uitgaven komen enkel voor de belastingvermindering in aanmerking als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen. Die zijn verschillend voor de ‘uitgaven voor een energie-audit van de woning’ (art. 14524, § 1, lid 1, 7°, WIB 1992) en voor ‘de andere energiebesparende uitgaven’ (art. 14524, § 1, lid 1, 1° tot 6°, WIB 1992).

Energiebesparende uitgaven bedoeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 1° tot 6°, van het WIB 1992 en werken die daarmee verband houden, moeten vanaf aanslagjaar 2011 voldoen aan volgende voorwaarden (nieuwe §1, A, art. 6311, KB/WIB 1992):

1° de werken die aan de basis liggen van de uitgaven moeten uitgevoerd worden door een aannemer die op het ogenblik van het afsluiten van de overeenkomst voor de uit te voeren werken geregistreerd is (art. 401, WIB 1992 of overeenkomstige bepaling die van kracht is in de EU-lidstaat waar de aannemer gevestigd is);
2° voor de vervanging van oude stookketels komen enkel de volgende types van installatie in aanmerking: condenserende ketel, stookketel op hout, installatie met warmtepomp en installatie met een systeem van microwarmtekracht-koppeling;
3° de geregistreerde aannemer waarborgt de gelijkvormigheid van de werken op grond van de elementen die zijn opgenomen in bijlage IIbis van het KB/WIB 1992;
4° de door de geregistreerde aannemer uitgereikte factuur of de bijlage ervan moet:
-
a) de woning aangeven waar de werken worden uitgevoerd;
-
b) voor werken bedoeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 2° tot 3°bis, van het WIB 1992, de datum van de aanvang van die werken vermelden;
-
c) desnoods, de verdeling van de kosten van de werken opgeven tussen de werken vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 1° tot 6°, van het WIB 1992 en de andere werken;
-
d) de volgende formule bevatten:“Verklaring met toepassing van artikel 6311 van het KB/WIB 1992 betreffende de uitgevoerde werken die zijn bedoeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 1° tot 6°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 Ik, ondergetekende . . . . ., bevestig dat: - ............ (per maatregel de vermeldingen overnemen die worden opgelegd door bijlage IIbis van het KB/WIB 1992); - de werken zijn uitgevoerd in een woning die, volgens de informatie verstrekt door (naam van de personen vermeld op de factuur), sedert ten minste vijf jaar in gebruik is genomen als woning op (datum van de aanvang van de werken). (verplicht op te nemen vermelding indien werken als vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 1° en 4° tot 6°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 zijn uitgevoerd)(datum)(naam)(handtekening)”.

Uitgaven voor een energie-audit van de woning moeten vanaf aanslagjaar 2011 voldoen aan volgende voorwaarden om voor de belastingvermindering in aanmerking te komen (nieuwe §1, B, art. 6311, KB/WIB 1992):
1° de energie-audit van de woning bedoeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 7°, van het WIB 1992 moet uitgevoerd worden volgens de geldende gewestelijke wetgeving;
2° de factuur voor de energie-audit of de bijlage ervan moet:
-
a) de woning aangeven waarvoor de energie-audit wordt uitgevoerd;
-
b) de volgende formule bevatten:“Verklaring met toepassing van artikel 6311 van het KB/WIB 92 betreffende de energie-auditIk, ondergetekende . . . . ., bevestig dat:- de energie-audit is uitgevoerd overeenkomstig de geldende gewestelijke wetgeving; - de energie-audit is uitgevoerd voor een woning die, volgens de informatie verstrekt door (naam van de vermeld op de factuur), sedert ten minste vijf jaar in gebruik is genomen als woning op (datum van de audit).(datum)(naam)(handtekening)”.

Documenten ter beschikking van de fiscus

Een belastingplichtige die de belastingvermindering voor energiebesparende investeringen aanvraagt, moet vanaf aanslagjaar 2011 volgende documenten ter beschikking van de FOD Financiën houden (nieuwe §2, art. 6311, KB/WIB 1992):
de facturen van de werken die aan de basis liggen van de energiebesparende uitgaven die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, van het WIB 1992;
het betalingsbewijs van de bedragen die voorkomen op die facturen;
desgevallend, de documenten die aantonen dat de woning bij het begin van de werken waarmee de uitgaven verband houden, ten minste vijf jaar in gebruik is genomen als woning.

Wanneer op een factuur werken van verschillende aard zijn opgenomen, moet de belastingplichtige ook een door de aannemer uitgereikt document ter beschikking houden van de administratie dat toelaat de kosten van die werken als volgt te verdelen:
Vanaf aanslagjaar 2011:
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 1° en 4° tot 6°, van het WIB 1992;
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 2°, van het WIB 1992;
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 3°, van het WIB 1992;
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 3°bis, van het WIB 1992.
Vanaf aanslagjaar 2012:
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 1° en 4° tot 6°, van het WIB 1992;
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 2° en 3°bis, van het WIB 1992;
-
de werken die zijn vermeld in artikel 14524, § 1, eerste lid, 3°, van het WIB 1992.

Volgorde van aanrekening belastingvermindering

Ook de verwijzingen naar artikel 156bis van het WIB 1992 in de aanrekeningsregels voor de belastingverminderingen voor energiebesparende uitgaven (art. 6311, §3, vijfde lid, 1° en 2°, KB/WIB 1992) werden aangepast als gevolg van de uitbreiding van het belastingkrediet voor energiebesparende investeringen.

De belastingvermindering voor investeringen in dak-, muur- en vloerisolatie kan omgezet worden in een terugbetaalbaar belastingkrediet (omzetting van niet-benutte belastingverminderingen). Deze maatregel gold enkel voor uitgaven die werkelijk zijn betaald in 2009 en 2010, maar de programmawet van 23 december 2009 maakte hem ook van toepassing op uitgaven die werkelijk zijn betaald in 2011 en 2012 (wijziging art. 156bis, 2°, WIB 1992; art. 124 a), programmawet van 23 december 2009).

Daarnaast kende de programmawet van 23 december 2009 het belastingkrediet ook toe voor de vervanging van oude stookketels en het onderhoud van een stookketel, voor de plaatsing van dubbel glas en van een warmteregeling voor centrale verwarming (thermostatische kranen of kamerthermostaat met tijdschakeling), en voor het uitvoeren van een energie-audit van de woning (aanvulling art. 156bis,3°, WIB 1992; art. 124 b), programmawet van 23 december 2009). Ook deze uitbreiding is tijdelijk: deze maatregel geldt alleen voor uitgaven die gedaan worden in 2010, 2011 en 2012.

Het feit dat vanaf aanslagjaar 2012 het maximumbedrag van de belastingvermindering niet meer wordt verhoogd voor verminderingen die verband houden met uitgaven voor thermische zonnepanelen (uitgaven als bedoeld in 14524, § 1, eerste lid, 2°, WIB 1992) maakt het onderscheid tussen de vermindering voor uitgaven voor thermische panelen en de vermindering voor uitgaven voor fotovoltaïsche panelen in artikel 6311, § 3, derde en zesde lid, KB/WIB 1992 vanaf aanslagjaar 2012 overbodig.

Overgangsbepaling

Energiebesparende uitgaven waarvoor op 22 september 2010 al een factuur of een bijlage bij een factuur is opgemaakt volgens de bepalingen van artikel 6311, § 1, van het KB/WIB 1992, zoals dit bestond vooraleer het door het KB van 10 september 2010 werd gewijzigd, worden geacht te voldoen aan de voorwaarden inzake de verplichte vermeldingen op de factuur of de bijlage ervan, zoals vermeld in artikel 6311, § 1, A, 4°, en B, 2°, van het KB/WIB 1992.

In werking

Het KB van 10 september 2010 treedt in werking op 2 oktober 2010.

De artikelen 2 en 4 zijn van toepassing vanaf aanslagjaar 2011.
Artikel 3 is van toepassing vanaf aanslagjaar 2012.

Bron:10 september 2010 - Koninklijk besluit tot wijziging van het KB/WIB 92 op het stuk van de belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven in een woning, BS 22 september 2010, p.58621; http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article.pl?language=nl&caller=summary&pub_date=2010-09-22&numac=2010003521#top
Zie ook:
Programmawet van 23 december 2009, BS 30 december 2009 (ed. 1), bl. 82310 (art. 121 a) t.e.m. c), art. 124 en art. 126).

Christine Van Geel

 

Koninklijk besluit tot wijziging van het KB/WIB 92 op het stuk van de belastingvermindering voor energiebesparende uitgaven in een woning

Afkondigingsdatum : 10/09/2010
Publicatiedatum : 23/09/2010

Powered by Jura